zaterdag 16 september 2006

Gewone leraren zijn minder slim dan managers

Ingediend door janwin

Ik werd verzocht als gewoon docent een vergadering over ons accreditatietraject mee te maken. De vergadering zou tot 12:30 duren, maar liep uit. Ik moest om 12:30 les geven en zei toen: "sorry, ik moet weg, ik moet werken". Verbazing alom en één bobo merkte op: "werken, daar heb je toch anderen voor".... Zeer illustratief...

Mijn manager had twee maanden geleden het ontwerp van haar zelfevaluatie-rapport ter inzage gegeven. O, wat deden we het geweldig: tutoren, mentoren, assessoren, navigatoren en nog veel meer "...oren". Ik vroeg toen: ben ik niet meer de moeite van het noemen waard?
Hoezo? Nou, gewone docenten worden in jouw rapport helemaal NIET genoemd. O sorry, ja da's waar ook, helemaal vergeten.

Ach bij onze HBO-instelling is docent zo'n beetje het laagste wat je tegenwoordig nog kunt bereiken. Als je manager bent, ben je pas belangrijk!

Bron BON forum

SCHANDE!!!!!!!!! PURE SCHANDE!!!!!!!!

zaterdag 2 september 2006

Onderwijsraad vraagt om waardering voor de leraar

Beloon de leraar
Goede leraren moeten meer verdienen, vindt de Onderwijsraad. Anders lopen ze weg.

Geef leraren de mogelijkheid te groeien binnen het vak en betaal hen daar ook voor. Dat is de eerste aanbeveling die de Onderwijsraad doet in het advies Waardering voor het leraarschap dat afgelopen donderdag aan de Kamer is aangeboden. Nergens in het rapport valt de term ‘beloning naar prestatie’ maar dat is duidelijk wel wat de raad bedoelt. Scholen zouden het salaris van de individuele leraar moeten bepalen op basis van kennis, coachende vaardigheden en didactische kwaliteiten.

Ook adviseert de raad niet terughoudend te zijn met bonussen voor leraren in vakken waar (tijdelijk) een tekort bestaat en als middel voor het opvullen van “vacatures in de Randstad of in het vmbo”. Op dit moment is opklimmen en meer gaan verdienen in het onderwijs eigenlijk alleen mogelijk door de klas of zelfs de school uit te gaan. Leraren die willen groeien, worden schoolleider, leerplanontwikkelaar of consultant. Jonge leraren – vooral jonge academici– houden het bovendien steeds vaker na een paar jaar voor gezien en verdwijnen helemaal uit het onderwijs. Met de vergrijzing op komst is dit een extra groot probleem. Op dit moment is 40 procent van de leraren in het voortgezet onderwijs ouder dan 50 jaar, 20 procent is ouder dan 55.

Bron NRC van 2 september 2006


Waarom verdwijnen jonge leraren na een paar jaar volledig uit het onderwijs?

Waarschijnlijk omdat ze al snel in de gaten hebben dat leerkrachten eigenlijk NIETS te vertellen hebben in het onderwijs. Ze moeten uitvoeren wat bedacht is door managers en beleidsmakers. Deze mensen verdienen altijd meer dan de "simpele" leerkracht. Momenteel zitten mijn kinderen op een middelbare school met in iedere klas ongeveer 30 leerlingen!!!!!!! Ga er maar aan staan, iedere 50 minuten weer 30 nieuwe pubers. We horen voor deze mensen een standbeeld op te richten. Minder managers, kleinere klassen, meer zeggenschap over het onderwijs en een beter salaris. Pas dan zullen de jonge leraren niet vroegtijdig afhaken.

Als er al mensen zonder klas in het onderwijs moeten rondlopen, dan dienen al hun activiteiten een bijdrage te leveren aan de lastenvermindering van de leerkracht. Wanneer nl. de leerkrachten GEEN onderwijs meer geven, hebben een heleboel mensen in kantoortjes, met een secretaresse en een watermachine, NIETS meer te doen. Een schande!!!!!!!!!!

donderdag 8 december 2005

Leraren opleiden in de school

In een persbericht dat de onderwijsraad heeft verstuurd las ik;

Steeds meer scholen willen een rol spelen in het opleiden van leraren. Niet alleen om hiermee in te kunnen spelen op een toekomstig tekort aan onderwijzend personeel, maar ook met het oog op de innovatie van het eigen onderwijs. Om de kwaliteit van de opleiding én de arbeidsmobiliteit van de toekomstige leraar te kunnen garanderen is het noodzakelijk de voorwaarden te formuleren waaraan het opleiden in de school moet voldoen. Dat stelt de Onderwijsraad in zijn advies Leraren opleiden in de school, dat vandaag wordt aangeboden aan minister Van der Hoeven van Onderwijs.
Ik zou dan eigenlijk naam en toenaam of rang willen horen, wie er in dit onderzoek dat hebben gezegd, want ik kan me niet voorstellen dat er scholen of medewerkers daarvan onvoorwaardelijk een soort PABO willen worden. Er wordt in dit soort rapporten 'waarschijnlijk' selectief geshopt in uitkomsten van onderzoeken om een beeld te scheppen die men, om logische redenen, wil rapporteren.

Men speekt over 6 voorwaarden;
  1. Er is een deskundige opleidingsfunctionaris in de school,
  2. Studenten krijgen de gelegenheid ervaring op te doen in gevarieerde onderwijs-Situaties,
  3. Opleiden in de school is structureel verankerd in het personeels- en opleidingsbe­leid van de school,
  4. De vakinhoudelijke competentie is stevig verankerd in het schoolgebonden oplei­dingstraject,
  5. Opleidingsschool en lerarenopleiding werken intensief samen,
  6. De afsluiting van het opleidingstraject is transparant en de beoordeling is onaf­hankelijk.
In de 6 voorwaarden waar over wordt gesproken hoor ik niets over compensatie van de nadelige gevolgen voor de leerkracht noch voor de leerling daarvan.

Natuurlijk is het goed om leraren gedeeltelijk ook in de praktijk op te leiden. Daar zal in beginsel niemand tegen zijn. Het moet alleen gezegd dat de tijd en aandacht die een leerkracht aan de PABO student moet geven, niet aan de leerlingen in de klas kan besteden. Dat gaat dus, zonder compensatie, ten koste van de leerlingen.

Integrale tekst van dit stuk van de onderwijsraad, en de reactie van Minister van der Hoeven.

vrijdag 2 september 2005

Leraren werven

Er dreigt een tekort aan leraren. Meer docenten verlaten het onderwijs dan de jaarlijkse aanwas van nieuwe docenten.

Minister van der Hoeven van Onderwijs is daarom begonnen met een wervingscampagne voor nieuwe docenten. De bonden denken dat de minister kan werven wat ze wil, eerst moet er meer geld worden vrijgemaakt voor salarissen, anders dreigt het hele project op een fiasco uit te draaien.

Bron Planet nieuws van 2 september 2005

Dat er meer geld voor salarissen moet worden vrijgemaakt lijkt me duidelijk. De AOB heeft daarin gelijk. Je kan het vak van leraar niet leuker maken door het er leuk uit te laten zien in een reclame spotje. Het wordt er beter op als het geld wat er in die campagne wordt gestoken direct naar het onderwijs gaat.

maandag 22 augustus 2005

donderdag 2 september 2004

Kind in kleine klas presteert niet beter

Dat een kleine klas beter is dan een grote, klinkt heel logisch. Maar dat is het niet, ontdekte Elvira Annevelink. Ze promoveerde vorige week bij de faculteit Gedragswetenschappen op een onderzoek naar de effecten van klassenverkleining. 'Een positief effect op de prestaties van leerlingen is nauwelijks aantoonbaar.'

Bron Weekblad van de Universiteit Twente van 2 september 2004

Extra formatie en taalprestaties in groep 1 van het primair onderwijs Elvira Annevelink, Roel Bosker, Simone Doolaard

Mevrouw E. Annevelink heeft alleen maar de leerjaren 2,3 en 4 onderzocht. Waarom heeft ze geen onderzoek gedaan naar de andere leerjaren? In haar onderzoek heb ik daar geen motivatie voor kunnen vinden. Verder noemt mevrouw E. Annevelink de groep met 20 of 21 leerlingen de medium groep. In het onderwijs noemen we dit een hele kleine groep. In het onderzoek onderscheidt E. Annevelink nl. de volgende groepsgrootte:

Kleine groep = 10 tot 19 leerlingen.

Medium groep = 20 of 21 leerlingen.

Grote groep = 22 of meer leerlingen.

Extra handen = 22 of meer leerlingen en in minimaal 40% van de lestijd (dus niet schooltijd), inzet van extra handen.

Ik zou bijna willen zeggen, doe mij maar een GROTE GROEP met 22 leerlingen. Ongelofelijk wat een populistisch onderzoek. Opvallend is dat de samenvatting die zij geeft over haar onderzoek (er is nauwelijks positief effect zichtbaar op de prestaties van kinderen in kleine klassen) in tegenspraak is met de conclusie. In de conclusie schrijft mevrouw Annevelink nl. dat bij zwakkere en gemiddelde leerlingen de leerwinst groter is naarmate het aantal leerlingen in de groep afneemt. Ook zegt zij dat de mogelijkheid van differentiatie afneemt in medium- en grote groepen. Dus wanneer door WSNS, SBO-kinderen en rugzakleerlingen op de basisschool blijven, zal er meer gedifferentieerd moeten worden. Wil je voldoende leerrendement, dan moet dat dus in kleinere groepen. Om ons aan te passen aan de terminologie van mevrouw Annevelink zeggen wij: Doe ons op alle scholen en in alle klassen MEDIUM groepen!!!!!!!!!!!

IOWO Radboud Universiteit Nijmegen

Afbeelding: mevrouw E. Annevelink

zondag 6 juni 2004

Kleinere klassen werken beter

Nico Hirtt schreef op 6 juni 2004 het volgende;

De meerderheid van de leerkrachten zijn ervan overtuigd dat leerlingen beter werken en betere resultaten halen in kleine klassen. Nochtans wint sinds enige jaren de mening veld dat het aantal leerlingen per klas nauwelijks invloed zou hebben op de kwaliteit van het onderwijs. Is deze stelling begrijpelijk - hoewel weinig geloofwaardig - in de mond van politici die bezuinigingen willen rechtvaardigen, ze wordt verontrustender als ermee wordt gezwaaid door onderwijswetenschappers of door militanten van pedagogische bewegingen.

Lees het volledige artikel.